Cor van der Weele

dr. Cor van der Weele is verbonden aan de Universiteit van Wageningen (toegepaste filosofie). Zij studeerde biologie en filosofie. Haar proefschrift in de wijsbegeerte van de biologie (VU, 1995) richtte zich op de rol van de omgeving in theorieën over de (embryonale) ontwikkeling van dieren. Het grensgebied tussen wetenschap, wetenschapsfilosofie en ethiek is een constante in haar interesses, met speciale aandacht, theoretisch en methodisch, voor pragmatische ethiek en de rol van metaforen in wetenschap en ethiek. De empirische gebieden waarop zij zich concentreert zijn watertechnologie en genomics.

It is not possible to do the work of science without using a language that is filled with metaphor, says Richard Lewontin right away in the first sentence of “The Triple Helix”. He, like many others, wants to do away with bad metaphors, such as the world as a machine or DNA as a blueprint; he is looking for better images to embrace, that do more justice to biological complexity. In the changing imagery of DNA, blueprints and master molecules are outdated; one of the more popular images at present is that DNA is an attic full of junk.
The omnipresence of metaphor in science is increasingly accepted, but the implications have been far from fully explored. In this paper I question the search for the best metaphor, not proposing relativism instead but taking a pragmatic approach. Metaphorical views imply selective attention. How are we to evaluate the plurality of possibilities?
This question applies not only to science but also to philosophy, including ethics. It makes a difference whether we approach the prospects of genetic improvement with an ethics of care, an ethics of precaution or an ethics of hedonism. Many people feel the force of more than one perspective, and if there is no way to somehow deal with this plurality, thought and judgement can become paralyzed.
I will describe the challenge to deal with metaphorical pluralism in science and ethics in terms of an art, an art that requires, among other things, “double vision”, and more generally attention to processes of deliberation and judgement. This art metaphor invites us to include an aesthetic dimension in science, philosophy of science and ethics. In this paper I will explore different forms of dealing with pluralism in genomics and in ethical dilemmas associated with genomics. (
Metaphor and the Art of Dealing with Genomics, by dr. Cor van der Weele)

Cor van der Weele lectured about the analyses of metaphors in the ethics of transhumanism on Saturday 1 October 2005.

samenvatting lezing:
Tot 1859, toen Darwin de evolutietheorie schreef, was de natuur God’s ontwerp, iets heiligs waar je niet aan kwam. Deze nieuwe benadering staat ingrijpen in de natuur toe. Na 1953, het jaar waarin Watson en Crick de structuur van het DNA ontdekten, kreeg het manipuleren van de natuur een nieuwe dimensie.
Kunstenaars stellen vaak dezelfde vragen over wetenschap als filosofen en ethici. Ze stellen vanzelfsprekendheden aan de kaak, stellen nieuwe vragen en zoeken naar blinde vlekken. Hierbij is het gebruik van metaforen heel gangbaar en geaccepteerd. De wetenschap heeft meer moeite met het erkennen van haar metaforen, zij ziet dit als een bedreiging voor de objectieve kennis. Toch zit bijvoorbeeld de genetica vol met metaforen.
Transhumanisme is gericht op het verbeteren van mensen door technologie. De discussies over het gebruik van stemmingsverbeteraars (Ritalin en Prozac) kan je zien als een voorloper. Gregory Stock (Redesigning Humans, 2002) is opgewonden hoopvol vanwege het hoge tempo van de technische vooruitgang. Hij gebruikt de metafoor van de ontwikkeling van een individueel leven: de mensheid laat nu pas zijn kindertijd achter zich en begint aan een adolescente fase, waarin hij tot de kern van de menselijke natuur -het overschrijden van grenzen- komt. Bill McKibben (Enough, staying human in an engineered age, 2003) ziet juist de menselijkheid in het accepteren van grenzen en het erkennen van de eindigheid. Hij gebruikt dezelfde metafoor maar ziet de hoofdpersoon als een vijftigplusser. Nicolas Agar (Liberal Eugenics, in defence of human enhancement, 2004) wil het denken over opvoeding introduceren als model voor het denken over genetisch verbeteren van je kind. Als de opvoeding net zo bepalend is als erfelijk materiaal (nature-nurture), dan moeten we in een liberale samenleving de keus hebben om het kind genetisch te verbeteren. De keuzes moeten worden uitgebreid in plaats van ingeperkt om het kind ook ruime keuzemogelijkheden te geven. De metafoor is hier opvoeding.
Rond ethische vragen blijkt een zoektocht naar de enig juiste zienswijze heel verleidelijk. Maar de grote invloed die metaforen op het denken hebben bevat de les dat alle denkwijzen imperfect zijn. De uitdaging is juist de veelheid aan incomplete, metaforische zienswijzen constructief te leren gebruiken.

relevante links:

conference "Complexity of environment and development in the Age of DNA"

 

 

Bertus Beaumont

Johan Braeckman

Bas Defize

José van Dijck

Annemarie Estor

Frank Grosveld

Bas Haring

Jan Hoeijmakers

Wiel Hoekstra

Marli Huijer

Ruud Kaulingfreks

Jan C. Molenaar

Miriam van Rijsingen

Martijntje Smits

Tsjalling Swierstra

Aad Tibben

Tjeerd Tijmstra

Cor van der Weele

Robert Zwijnenberg