|
een
onderzoeksproject, groepstentoonstelling en lezingen/debat serie over
klonen, waarin kunstenaars en wetenschappers samenwerken.
1 september 2005 - 15 oktober 2005 Retort projectruimte Amsterdam
Klonen
is een onderwerp dat tot de verbeelding spreekt, ethische vragen oproept
en dwingt na te denken over de toekomst. In dit project wordt er aandacht
gevestigd op de bijzondere verhouding tussen kunst, wetenschap (met name
het terrein van genomics: het grootschalige onderzoek naar de erfelijkheid
en genen, waaronder het klonen) en technologie.
Kunstenaars die middels hun werk het terrein van genomics verkennen, dragen
bij aan het publieke debat en de analyse van wetenschappelijke kennis.
Kunst is in staat kritisch te kijken naar de experimenten en resultaten
van genomics, en deze ook in beelden te vertalen zonder in stereotypen
te vervallen. Het verbeelden van een werkelijkheid die niet met het blote
oog waarneembaar is (zoals elementaire deeltjes, DNA) is voor de wetenschap
zelf ook een urgente zaak en zij heeft hier zodoende belangstelling voor.
Wetenschappers en kunstenaars staan in hun dagelijkse beroepspraktijk
dichter bij elkaar dan verwacht: beide werken vanuit onderzoek en hypotheses,
vragen zich in essentie af waarom de wereld is zoals die is en beide zijn
bekend met het befaamde ‘eureka’ moment. Wanneer kunstenaars
geïnteresseerd zijn in de resultaten, methodes en toepassingen van
genetisch onderzoek, en wetenschappers in de mogelijkheden van verbeelding,
is er een basis voor samenwerking, reflectie en kruisbestuiving mogelijk.
Wetenschappers zijn gebonden aan theorie en het publiek oordeelt vaak
vanuit het gevoel over de toekomst van klonen, terwijl een kunstwerk op
zich zelf staat, hoeft niet ‘waar’ te zijn en wordt ook niet
als zodanig beoordeeld. Dit geeft een aantrekkelijke vrijheid om toekomstscenario’s
te onderzoeken.
De volgende onderwerpen zijn aanzetten voor deelprojecten binnen het onderzoek,
een soort bagage voor de projecten:
1. Het tragische van schoonheid (bepaalde ziektes en (aangeboren) afwijkingen
zullen in de toekomst niet meer voor hoeven komen, het oordeel over wat
lelijk, ongewenst en mismaakt is zal veranderen) (lees
verder)
2. Wie is mijn vader, wie is mijn moeder? (wat is de betekenis van familie,
opvoeding en hoe zien de seksuele omgangsvormen eruit wanneer zaadcellen
overbodig zijn en eicellen worden leeggemaakt voor gebruik?) (lees
verder)
3. Am I my twin? (waarom zijn wij gefascineerd door ons spiegelbeeld en
er tegelijkertijd bang voor?) (lees
verder)
4. Art as knowledge (een andere benadering van samenwerking tussen kunstenaars
en wetenschappers. Naast de mogelijkheden die kunst biedt omtrent beeldvorming,
kan zij ook (opnieuw) gewaardeerd worden vanwege de meer holistische of
alchemische zienswijze) (lees
verder)
Naast een fluctuerende tentoonstelling werd er gedurende zes weken aan
een totaalinstallatie in de projectruimte gewerkt, waar bestaand en nieuw
werk in opgenomen zijn. Op basis van voorbereidende bijeenkomsten zijn
deelprojecten opgezet, waarin kunstenaars kortstondige samenwerking aangaan
en in de projectruimte, voor publiek toegankelijk en inzichtelijk, nieuw
(site-specific) werk hebben gemaakt. Door bemiddeling van het Arts and
Genomics Centre en GeNeYouS was het mogelijk om wetenschappers uit te
nodigen om te reflecteren op het werk(proces) en wellicht te komen tot
nieuwe inzichten.
Juist door de deelprojecten en tussentijdse presentaties was er ruimte
voor reacties van het publiek en de verwerking ervan in het geheel. Doordeweeks
had de projectruimte het karakter van een open studio, waar gewerkt werd
terwijl publiek kon toekijken en reageren, aan het eind van de week waren
er meer expliciete publieksactiviteiten, zoals de presentatie van de resultaten,
lezingen en discussies. Een deel van de projectruimte was ingericht als
een ‘vaste’ groepstentoonstelling, aan de hand waarvan bezoekers
zich verder konden oriënteren op de lopende projecten.
|
|

achtergronden
Waarom
is er vanuit de wetenschap behoefte aan beeldvorming en verkenning van
toekomstscenario’s? Is beeldvorming en speculatie over de toekomst
niet het terrein van ethici en filosofen, wordt dit dus binnen de wetenschap
zelf geregeld?
Ontwikkelingen
binnen de wetenschap zoals globalisering, toenemende economische belangen
bij (bèta)wetenschap en technologie en enorme complexiteit/grootschaligheid
van onderzoek maken dat er discussie is ontstaan over bio-ethiek. De kloof
tussen bètawetenschappers en wetenschapsfilosofen/ ethici is gegroeid
door deze ontwikkelingen. Het ontstaan van nieuwe specialisaties op het
grensgebied van wetenschap, technologie, cultuur, ethiek en filosofie
zijn hier het gevolg van.
De behoefte aan ethische standpunten over zaken als klonen, kunstmatige
intelligentie en nanotechnologie is urgent. Zowel vanuit de wetenschap
(individuele onderzoekers moeten moraal gezien achter hun werk staan,
ook al zijn zij een klein radertje in een enorm systeem) als vanuit de
maatschappij (de introductie van nieuwe technologieën vereist het
innemen van nieuwe standpunten).
Het bepalen van ethische normen gaat gepaard met het speculeren over de
toekomst. Beelden spelen hierbij een belangrijke rol, net als metaforen
in taal. De impact van science fiction alleen al onderstreept deze functie.
Publieke discussies over klonen gaan vrijwel altijd gepaard met waarschuwende
opmerkingen over Brave New World of Boys from Brazil (boeken die je niet
hoeft gelezen te hebben om te weten dat ze weinig goeds voorspellen).
Gezien deze invloed is het denkbaar dat wetenschappers en kunstenaars
elkaar wel eens nodig zouden kunnen hebben bij de beeldvorming van de
toekomst.
|